Blokken rijwoningen 10/11

Huizeneiland 6

Deze 2 huizenblokken zijn allemaal laagenergiewoningen, die van huizeneiland 5 passiefwoningen. Voor het verschil tussen deze twee woningen verwijzen we naar huizeneiland 4. In deze 2 huizenblokken met strobalen muren zijn ook een zonneboiler en fotovoltaïsche panelen aanwezig. Deze laatste leveren de elektriciteit. Uiteraard wordt er gebruik maakt van passieve zonnewinst, natuurlijke ventilatie en een zandvat.

Op zonnige dagen wordt dankzij de zonnecollectoren op het dak de zonneboiler opgewarmd. Deze boiler levert dan warmte voor:
  • sanitair (douche, afwas, bad,…),
  • verwarming: de maximale 1,3 kW die nodig is voor verwarming wordt verspreid via het zandvat.
Dit zandvat heeft een afgesloten binnenruimte van 8m³ en een buitenruimte van 17m³. Deze bevindt zich centraal in het huis en is enkel langs boven toegankelijk.
De ruimte is gevuld met zand. Daarin zitten 4 warmtewisselaars met een lengte van 50 m. Er bevindt zich ongeveer 12 ton zand in de ruimte, wat overeenkomt met een warmteopslag-equivalent van 3000 à 6000 liter water. De binnenmuren zijn geïsoleerd met PU-platen (dikte 6 cm) zodat het vat een warmteverlies heeft van minder dan 250 watt. Dit verlies kan natuurlijk ook bekeken worden als verwarming voor het huis omdat het centraal staat opgesteld.
Meestal is de temperatuur van de buffer rond de 40° à 50° C, wat overeenkomt met een warmtestockage van ongeveer 200 kWh. In de tussenseizoenen is dit voldoende om het huis één à twee dagen te verwarmen (= muurverwarming).
De buffer wordt verwarmd met een houtkachel die tevens op het verwarmingscircuit is aangesloten via een interne warmtewisslaar. In de tussenseizoenen doet ook de zon haar duit in het zakje. Op zonnige dagen is er genoeg passieve zonne-energie om het huis rechtstreeks te verwarmen. Via de zonnecollectoren proberen we dan de zon te vangen in onze buffer. Zo kunnen we altijd enkele dagen langer genieten van haar warmte.
Een houtkachel begint ’s morgens niet vanzelf te werken. Dat is een derde reden om een grote bufferruimte te maken. ’s Morgens zal de muurverwarming indien nodig de energie uit het zandvat halen. Als de bewoners ’s avonds thuis komen, laten ze de kachel een viertal uren branden. Hiermee is het zandvat weer bij gestookt, een beetje vergelijkbaar met een tegelkachel. Het stookseizoen loopt van eind oktober tot eind maart.
Bovendien maken we gebruik van een nagroeibare brandstof die CO2-neutraal is.
Het hout voor het kacheltje is afkomstig van knotwilgen, die overvloedig aanwezig zijn langs de geherwaardeerde Molenbeekvallei. De isolatie van dit huizeneiland is op de volgende wijze gerealiseerd.
  • De dakisolatie is op basis van nagroeibare grondstof: ingeblazen papiervlokken.
  • Bij de muurisolatie van dit huizeneiland is de houten draagconstructie opgevuld met strobalen. Dit uitstekende en goedkope isolatiemateriaal is een natuurlijk restproduct. Strobalen blijven over na het verbouwen van graangewassen. De graanteelt is een typisch Vlaams landbouwproduct.
  • Als vensterisolatie gebruiken we hoogrendementsglas (+) met houten raamkaders of aluminium raamkaders.
  • De vloerisolatie bestaat uit houtvezelisolatie. Deze wordt gemaakt uit vezels van naaldhout, afkomstig van het dunnen van bossen en onbehandelde stamresten van zagerijen. Het is dus een typisch voorbeeld van een nagroeibare grondstof en het kan in ons land gemaakt worden.
In dit huizeneiland opteren we voor mechanische ventilatie met warmteterugwinning.